|
|
Zaterdag 11 februari 2006Uilenwandeling in BuggenhoutbosSamenkomst om 20.00 u gasthof Küssnacht, Kasteelstraat 177, 9255 Buggenhout.De 'uilenwandeling' wordt voorafgegaan door een korte voordracht en/of diavoorstelling.In en rond Buggenhoutbos verblijven verschillende paartjes bosuilen. We schatten het aantal broedparen op zo’n 6 à 7 stuks. Op zaterdag 11 februari gaan we dan ook op zoek naar deze mysterieuze bosbewoners.
Er worden één tot vijf eieren gelegd. Soms, bij heel weinig voedselaanbod,
wordt wel eens een broedseizoen overgeslagen. In zachte winters begint de balts,
zeg maar de vrijage, al in januari, maar meestal begint deze in de loop van
februari. De bosuil Hun voedsel bestaat voornamelijk uit muizen die ze met huid en haar opeten. Soms worden ook wel kleine vogels, mollen, ratten, vleermuizen, kikkers, padden en insecten gevangen. Het vrouwtje, dat iets groter is dan het mannetje, vangt ook wel jonge hazen en konijnen. Bij harde wind of hevige regen gaan ze niet op jacht. De uil kan dan zijn prooien niet horen en bijgevolg kan hij ze niet vangen. De meeste muizen blijven dan liever zelf ook binnen. Door hun nachtelijke levenswijze zijn uilen maar zelden te zien. Men kan de bosuil echter wel dikwijls horen. De dag brengen ze meestal op een vaste plaats door. Ze doen dat bij voorkeur in groenblijvende bomen, naaldbomen of bomen begroeid met veel klimop. Ze zitten dan dicht tegen de stam op een tak. Op deze plaatsen kan men, onder de boom, hun typische braakballen vinden. Soms braken ze ook tijdens de vlucht. Tijdens de baltstijd roept het mannetje om zijn territorium af te bakenen. Soms roept hij de hele nacht door. Tijdens de jacht is hij eerder stil omdat ze anders hun prooi zouden alarmeren. De uil vliegt vrijwel geruisloos. Veel
vroeger was de uil een gerespecteerde vogel. De Kelten zagen in hem de wijze
beschermer en de bewaker van het bos. Bij Grieken en Romeinen was de bosuil een
begeleider van de Godin “Pallas”. Hij was het symbool van wijsheid. Later kreeg
het dier een negatief imago. Jeroen Bosch vergeleek hem met verlokking,
misleiding, zonde, met iets dat het daglicht niet mocht zien en met duistere
praktijken. De wijze bosuil werd dan ook een heksenvogel, een domme uil en zijn
lieve jongen kennen we nu als domme uilskuikens.
François |
|
U kunt een e-mailbericht met vragen of opmerkingen over deze website
verzenden aan
geert.vandamme@meerskant.org.
|